Camper Blog logo

We willen zo vroeg mogelijk naar het dichtstbijzijnde treinstation, het is ruim een uur met de trein naar het Shinjuku station in het centrum van Tokyo. Na een snel ontbijt, willen we van de parkeerplaats afrijden, maar de auto start niet. We hebben de accu gisteren helemaal leeg getrokken. Gelukkig komt er net een auto aan die naast ons wil parkeren en met de startkabel weten we de camper weer te starten. Bij het station rijden we de parkeerplaats waarop in grote cijfers 1000 yen opstaan en de rest is in Japanse tekens. Maar we zien nergens iets waar we kunnen betalen. Binnen in het station worden we aangesproken door een Japanse hostess, die ons wil helpen met het kopen van een kaartje. Erg handig, want anders is het een hele puzzel om de juiste Japanse tekens voor het Shinjuku station te vinden. Maar als we naar de parkeerplaats vragen, blijkt het Engels van het meisje toch weer te beperkt te zijn. Het lukt ons niet om hier wijzer van te worden, we gaan maar met de express-trein naar Tokyo. Het is erg druk in de trein en we moeten staan. Bij de conducteur betalen we nog het express-tarief. Dit kan in Japan niet op het station.

Shibuya crossing Tokyo

Als we op Shinjuku aankomen kopen we een dagkaart voor de metro. We willen eerst naar de Tsukuji vismarkt. Als we bij de hallen aankomen is iedereen al aan het schoonmaken. Het is inmiddels al 12 uur geweest en de handel is jammer genoeg al afgelopen. Op de terugweg naar de metro lopen we langs een straattentje waar heel veel mensen een noedel-soep eten. Het ruikt erg lekker, we willen dit ook wel. Staand aan tafel op straat genieten we van de lekkere soep. Daarna nemen we de metro naar Aikhabara. In hoge wolkenkrabbers zitten elektronicawinkels op meerdere verdiepingen. We hadden hier wat meer winkels met Japanse gadgets verwacht, maar die moet je waarschijnlijk weten te vinden. We nemen weer de metro naar het beroemdste en drukste kruispunt van Tokyo, de Shibuya crossing. Het is ook vandaag lekker druk. We steken samen met vele Japanners het kruispunt over en gaan naar de Starbucks die op de eerste verdieping van een wolkenkrabber zit. Vanuit de ramen hier heb je het beste zich op de mensenmassa.

Schrijf reactie (0 Reacties)

Na een rustige start van de dag rijden we richting Toba waar we de veerboot naar Irako willen nemen richting Tokyo. Het is zondag en heel erg rustig op de weg. Onderweg zien we een bord dat verwijst naar een uitzichtpunt over een baai met kleine eilanden. We rijden de snelweg af en rijden eerst langs een strandje. Dit ziet er wel aanlokkelijk uit en we besluiten eerst een duik te nemen. Als we de auto utstappen is het alweer bloedheet. Er hangt een waas van warmte in de lucht, waardoor we de eilanden in de verte amper kunnen zien. We duiken snel het water in. Het kiezelstrand is hier wat meer vervuild met aangespoeld plastic en zeewier. We hebben onze snorkelspullen meegenomen, maar afgezien van een mooie rots met een beetje koraal en wat vis is hier niks te beleven. Maar we zijn wel lekker opgefrist. Bij de toiletten is een buitenkraan met slang waar we ons kunnen afspoelen en onze haren kunnen wassen. Opgefrist rijden we verder, we komen weer op de snelweg uit. Het uitzichtpunt hebben we gemist, maar met dit weer hebben we waarschijnlijk niet zo veel gemist.

japans strand

Vlakbij Toba staan twee rotsen in zee die volgens het Shinto geloof met elkaar getrouwd zijn en met een groot heilig touw met elkaar verbonden zijn. Ook is er een schrijn die gewijd is aan de kikker god. Overal staan beeldjes van kikkers. Het is hier wel druk met bezoekers. Maar het is zo warm dat we het bij een bliksembezoek houden. De jongens zijn in de auto gebleven. Toba is bekend om de Japanse parelvissers. De vrouwen duiken hier van een eilandje in zee op zoek naar oesters met parels. We slaan een bezoek over en rijden naar de op maps.me aangegeven veerboothaven. We zien wel een boot maar geen mogelijkheid om er op te rijden. Het blijkt een passagiersboot te zijn die naar de kleine eilandjes vaart. Voor de veerboot moeten we nog wat verder Toba in rijden. Maar uiteindelijk vinden we het. We zien de veerboot net vertrekken als we de parkeerplaats onder de vertrekhal oprijden. Met zijn tweeën lopen we naar boven om een kaartje te komen en komen in een lekkere koele ruimte met wachtruimte, restaurant en souvenirwinkel. Aan de balie kunnen we een ticket voor de boot kopen. We proberen aan te geven dat we met zijn vieren zijn, maar de man begrijpt niet of dat nu met chauffeur (die bij de autoprijs inbegrepen is) of niet. Er wordt iemand naar de auto gestuurd om te kijken met hoeveel we nu echt zijn. Uiteindelijk lukt het, we moeten nog een uur wachten op de volgende boot.

Toba kikkergod

Schrijf reactie (0 Reacties)

Vandaag staat een bezoek aan Nara op het programma, maar omdat de Michi-no-Eki vlak bij een andere werelderfgoed tempel ligt, rijden we daar eerst naar toe. De Horiyu ji tempel heeft het oudste houten gebouw van de wereld. Het hout van de pagode stamt uit 600. We vinden een gratis parkeerplaats een eind van de tempel. Johnny gaat op zoek naar een cache en de jongens willen bij de auto blijven. Ik neem alleen de camera en een briefje van 1000 yen mee, maar dat blijkt niet genoeg. De entree is maar liefst 1200 yen. Dan maar alleen de buitenkant bekijken. Het is een enorm grote tempel met nog een aantal kleinere tempels er om heen. Deze zijn inbegrepen in de ticketprijs, maar je kan ze ook apart bezoeken. Ik kan nog wel de entree voor de Yumedono, een achthoekig houten tempelgebouw en voor de beltoren betalen.

tempel met hert

 

Terug op de parkeerplaats is het wachten op Johnny die de cache niet kon vinden. Het is alweer erg warm geworden en zijn blij dat we de parkeerplaats zonder schaduw kunnen verlaten. We rijden naar Nara, de hoofdstad van Japan van 710 tot 784. We parkeren bij de Kasuga Taisha, een schrijn met tienduizenden lantaarns. We zijn weer op de toeristische route terecht gekomen zo blijkt al snel. Bij de ingang van de schrijn staat een grote groep toeristen verveeld naar de gids te luisteren. Als ik een foto van ze wil nemen leven ze weer op en beginnen vrolijk te lachen. Overal lopen heilige herten rond die helemaal gewend zijn aan de mensen. Iets van het pad is een moeder met een prachtig klein hertje, dat nog wel op afstand blijft. We lopen door Nara park naar de Todai ji tempel, een van de grootste houten gebouwen ter wereld. In de tempel staat een de grootste houten Boeddha. En ja, dat is best indrukwekkend. Bij de Boeddha die op een verhoging staat, is een groep Japanse scholieren aan het zingen. Wij gewone stervelingen, mogen alleen op afstand de Boeddha bewonderen. In een van de pilaren zit een gat zo groot als de neus van de Boeddha waarvan wordt gezegd dat als je je er door heen weet te wringen, je verlichting vindt. Maar de rij is zo lang dat we het maar zonder doen. We overnachten vanavond in de Eko-in tempel op de heilige berg Koya, dat zal ook wel helpen. In Nara lunchen we bij de McDonalds. Nog even zondigen voor ons tempelbezoek. Als we net binnen zijn, komt er een gigantische stortbui.

Schrijf reactie (0 Reacties)

Het regent zachtjes en de bergen zijn in de mist verdwenen. Wat een verschil weer met gisteren. We rijden naar het supermarktje vlak bij de Michi-no-Eki om ons ontbijt in te slaan. Vandaag gaan we raften op de Yoshino rivier op het eiland Shikoku. We hebben nog twee bruggen en een eilandje te gaan voor we op het grote eiland komen. We nemen de tolweg. Dat schiet tenminste op.

Ergens onderweg zien we een Aeon supermarkt aangegeven. Daarvoor willen we wel even een stukje oprijden. Het gas voor ons kooktoestel is op en we hopen dat we dat hier kunnen krijgen. Nadat we weer wat eten hebben ingeslagen vinden we op de bovenverdieping een warenhuis waar ze de gasvullingen hebben en ook nog dezelfde vouwstoelen die we vorige week bij een Michi-no-Eki hebben laten staan. Alleen de kleur is anders. Voor 2000 yen zijn we weer twee mooie blauwe stoelen rijker.

Vanaf de grote weg komen we opeens op een wel erg smal weggetje dat door de Iya vallei gaat. Van de andere kant komt een grote vrachtauto. Gelukkig zijn we net op een plek waar de weg wat breder is en kunnen we elkaar krap aan passeren. Wij rijden achter een paar oudjes in een auto aan. Erg opschieten doet het niet. We moeten natuurlijk wel op tijd zijn voor het raften en we moeten we ook nog geld pinnen. Onderweg ergens pinnen was de bedoeling maar we hadden niet verwacht dat we hier niets tegenkomen. In de Iya vallei staat alleen een hotel, er zijn zelfs geen huizen. Vlak voordat we bij de raftbasis zijn komen we weer een beetje in de bewoonde wereld. We kunnen in Japan eigenlijk alleen bij een 7-eleven of bij een postkantoor pinnen. Er zijn een heleboel andere ATM’s maar helaas werken die niet voor buitenlandse pinpassen. We komen een Japan-bank tegen. Volgens de jongens hebben ze hetzelfde logo als een ATM bij een supermarkt bij Kyoto waar het wel gelukt was om te pinnen, maar helaas lukt het niet. Dan maar zoeken op maps.me. We vinden een klein postkantoortje in een erg smal straatje. Ze hebben geen parkeerplaats dus blijven we op de weg staan. Er is wel een pinautomaat. Als Johnny (met geld) weer naar buiten loopt komt er ook net een auto aan die er langs wil. Snel keren we om en rijden naar Happy Raft.

Happy Rafting

We worden gastvrij ontvangen door een Nieuw-Zeelandse die ons ook in de raftingboot gaat begeleiden. Samen met drie mensen uit Zwitserland gaan we in een boot. Er zijn ook nog twee boten met Japanners. Als we ons omgekleed hebben en helm, zwemvest en peddel hebben ontvangen gaan we in een oude bus naar het vertrekpunt. Daar krijgen we eerst een uitgebreide instructie. Onder meer over hoe we moeten peddelen, wat we moeten doen als we uit de boot vallen. Het klinkt erg spannend. Niels en Martijn mogen het eerste stuk voorin. Heelhuids komen we door de eerste stroomversnelling en stoppen daarna bij en hoge rots waar we vanaf mogen springen. Dan zijn de Zwitsers aan de beurt om voorin te zitten. Niels vindt dat niet zo leuk, maar dan mag hij voor op de boeg zitten zonder peddel en zo door de volgende stroomversnelling. Erg spectaculair. De derde stroomversnelling is de moeilijkste. We moeten op de bodem van de raft gaan zitten. Bij de laatste mag Martijn voor op de boeg zitten. We vermaken ons prima. Jammer dat het zo snel voorbij is.

Schrijf reactie (0 Reacties)

Als ik om zeven uur wakker word trek ik gelijk mijn badpak aan en ga naar de zee. Bij een paar huurhuisjes van het Iwami Seaside park zit een hele groep schoolkinderen op de grond te ontbijten. Een mooi strand en kristalhelder water geven je het echte vakantiegevoel. Heerlijk om de dag mee te beginnen. Niet veel later komen de jongens die de snorkelspullen mee hebben genomen. We verkassen naar de rand van het strand waar wat rotsen langs de kant en in de zee liggen. Er zwemt aardig wat vis en we vermaken ons prima. De groep schoolkinderen doet allemaal spelletjes op het strand, verder is het nog rustig. Ik heb gelezen dat in Japan het officiële strandseizoen op 1 augustus begint en dat je voor die tijd niet veel mensen op het strand ziet. De schoolvakanties zijn natuurlijk ook nog niet begonnen. Als we ons ontbijt hebben opgehaald zien we opeens een grote rode inktvis aanspoelen. Hij is aardig in de stress want hij begint inkt te spuiten. Er komt een hele wolk zwarte inkt in het water. Het lijkt er op alsof de inktvis bezig is met zijn doodsstrijd te gaan. Hij rolt wat op en neer in de branding en spuit nog een paar keer inkt. Even later verliest de inktvis een deel van de zijn tentakels en wordt uiteindelijk weer met de zee meegenomen uit ons zicht. Het zand wordt ondertussen letterlijk wel erg heet onder onze voeten. En we zijn ook al een beetje verkleurd. Het is een uur of elf als we besluiten weg te gaan. De jongens gaan nog even snel voor 200 yen douchen in het strandgebouw.Niels na het snorkelen

Bij het verlaten van de parkeerplaats moeten we nog 1000 yen betalen omdat er bij aankomst niemand meer aanwezig was om het in ontvangst te nemen. We gaan naar Tsuwano. Eerst rijden we nog een heel stuk langs de kust maar dan gaan we weer de bergen in richting de westkust. Onderweg nog even tanken en bij een onbekend merk supermarkt wat boodschappen doen. Ze hebben geen lekkere sushi dus nu maar hopen dat het restaurant bij de michi no eki vanavond open is. Tsuwano is vooral bekend om de Taikodani Inari shrine (Inari betekent vos in het Japans). De rode gebouwen zijn op een berghelling gebouwd en steken mooi uit boven de groene bomen. Ook hier staat een lange rij rode toriis, van de berg af naar beneden. Het is erg rustig en we kunnen ongestoord genieten van de mooie schrijn.Taikodani Inari Shrine

Schrijf reactie (0 Reacties)

Nadat we alle bagage weer enigszins op zijn plek in de camper hebben geplaatst vertrekken we van Ayaka’s huis. Johnny gaat voor het eerst rijden. We gaan rechtsaf, de weg naar die kant ziet er minder stijl uit. We zijn druk bezig om Johnny aanwijzingen te geven over het rijden met de automaat en verrijden ons al halverwege de berg en we komen op een weggetje dat nog smaller wordt. Hier kunnen we echt niet langs. Dus uitstappen en voorzichtig keren. Na nog een stuk door het drukke verkeer van Kyoto wordt het rustiger op de weg.Pijnboom op rots

We gaan vandaag naar Amanohashidate, een van de drie mooiste uitzichtpunten van Japan. De naam betekent hemelse brug. In de baai ligt een zandbank begroeit met pijnbomen. Vanaf de betaalde parkeerplaats nemen we de kabelbaan naar het uitzichtpunt. Voor het echte uitzicht op de hemelse brug hadden we naar de overkant van de baai gemoeten. Als je daar ‘op de kop’ kijkt zie je een rechte brug over de hemel lopen. Aan onze kant zien de Japanners er een drakenkop in. Met een ouderwetse stoeltjeslift, waar je gewoon los in je stoeltje zit, gaan we weer naar beneden. We lunchen in een biologisch café waar ze een mix van Japanse en westerse gerechten hebben. De mishosoep en sushi zijn erg lekker. De pizza’s zijn niet zo’n succes. Op de pizza zitten piepkleine glasachtige visjes met oogjes die je volgens Martijn zitten aan te staren.

Schrijf reactie (0 Reacties)

Het is ’s ochtends gelukkig weer droog. Niels  besluit het een dagje rustig aan te doen en blijft thuis. Martijn en ik lopen de heuvel af op zoek naar een bushalte naar Arashiyama een buitenwijk in het westen van Kyoto. Bij de grote weg lopen we naar de bushalte maar zien alleen bussen naar het centrum gaan. Aan de overkant is een busterminal die zo te zien het eindstation is. Dan maar met de tram maar nu we toch in de buurt zijn gaan we eerst naar de Ryoanji tempel beroemd om zijn zijn tuin, een bak aangeharkt  grind met 15 rotsen, die je nooit in een blik kunt zien. De rest van de tuin met een grote vijver vinden we eigenlijk veel mooier.Libelle op bloemknop

Met een mooi oud trammetje komen we aan in Arashiyama. We gaan eerst naar de Tenryuji tempel. We lopen langs een mooie lotusvijver waar veel libellen rondvliegen. Het lukt om er een zittend op een lotusknop  te fotograferen. De tempel heeft ook een prachtige vijver met rotsen en Japanse dennenbomen, maar is vooral bekend om zijn bamboebos. We besluiten eerst daarnaar toe te gaan en verwachten later nog meer van de vijver te kunnen genieten, maar het bamboebos ligt buiten het betaalde tempelgebied en er staat op een bord aangegeven dat je niet weer naar binnen mag.

We lopen over het pad in het bos met een heleboel andere mensen en gaan op weg naar de verst gelegen tempel. In een vijver ziet Martijn opeens hele grote kikkervisjes zwemmen. We vragen ons af wat voor reuzekikkers dat zullen worden. Op weg naar de tempel lopen we door smalle straatjes met oude Japanse huizen. Het is hier erg rustig geworden. Ook bij de Nenbutsu ji tempel is het erg rustig. Ik had wat meer verwacht van de tempel. Er zijn na onderzoek achteraf twee Nenbutsu ji tempels, we hadden nog verder moeten lopen naar de Otagi Nenbutsu. Iets voor de volgende keer dan maar.

Op de terugweg gaan we binnen bij een souvenirwinkeltje waar ze leuke poppetjes en beesten van zijderups-coconnetjes maken. De eigenaar had ons op de heenweg al aangesproken en is blij verrast ons weer te zien. Hij vertelt dat zijn 80 jarige oude vader alle poppetjes met de hand maakt. Zelf kan hij het niet zegt hij. Wordt misschien toch tijd dat hij het gaat leren dan. We krijgen een heerlijk koel kopje groene thee en zoeken natuurlijk wat leuks uit. Het wordt prachtig ingepakt door zijn vrouw en als we weggaan worden we door beiden hartelijk uitgezwaaid. Ze willen ook wel op de foto met de lange Martijn. Als we beneden bij de weg zijn roept de eigenaar nog eens ‘tot ziens’, wat we hem net in de winkel geleerd hebben. Een leuke ervaring.

Schrijf reactie (0 Reacties)

Omdat we door de tyfoon in de eerste week maar één dag op het Izu-schiereiland hebben doorgebracht, hebben we nu twee dagen over in de planning. Het is prachtig weer en we hebben wel zin in een dagje strand. De zee is te ver en dus wordt het een camping aan Lake Biwa. Op Google Maps vinden we camping Shirahige Hama vlakbij de Shiga shrine waar ook een tori in het water staat. Het Biwa-meer is het grootste meer van Japan en ligt vlakbij Kyoto waar we hierna naar toe gaan. Nadat we wat boodschappen hebben gedaan rijden we langs de oever van het meer naar de camping. We kunnen niet naar rechts afslaan omdat de weg gesplitst is in twee banen maar zien wel een mooi zandstrand. Dus wordt het bij de eerstvolgende afslag keren en weer terug. We rijden het terrein op en er komt een jongen naar ons toe. Hij spreekt een paar woorden Engels en begrijpt dat we een nacht willen blijven en wijst naar een mooi plekje onder de bomen. Dat ziet er goed uit en we willen er naar toe rijden maar dat is ook niet de bedoeling. Eerst parkeren op de vastgestelde parkeerplaats en registreren. De campingeigenaar spreekt gelukkig wel wat meer Engels. Het wordt wel een relatief duur nachtje. Ze rekenen in dagprijzen en we moeten voor anderhalve dag betalen wat uitkomt op 4800 yen (ongeveer 35 euro). De douche moet dan nog eens apart betaald worden en kost maar liefst 500 yen. Maar we vinden een prachtig plekje onder de bomen. Het water is heel helder en lekker koel.

Als we onze spullen pakken missen we onze twee campingstoelen. Op de mich no eki waar we hiervoor overnacht hebben zaten we in de schaduw bij de toiletten te ontbijten. Niels voelde zich niet zo lekker en ik ging in de winkel kijken of ze bananen verkochten en vroeg de jongens om de spullen mee te nemen. Dat deden ze, alleen de stoelen dus niet. We moeten het dan maar met het picknick-kleed doen. Aan het eind van de middag pakken de Japanners die nog op de camping zijn hun tentje in en zijn we alleen over. Dan komt de campingeigenaar opeens aanrijden met een tafel en drie stoelen in de achterbak. Heel fijn, nu kunnen we aan tafel eten. We maken noedelsoep en hebben nog wat sushi, yakatori en edamame boontjes (groene sojaboontjes) waar je alleen de peul van eet.

Optocht in Kyoto

Schrijf reactie (2 Reacties)

We gaan naar Nagashima, een pretpark met achtbanen, een thermen en een outlet-centrum. Wij gaan voor het waterpark.  Nadat we ons hebben omgekleed kijken we waar we onze handdoeken kunnen neerleggen. Daarvoor hebben ze een drie verdiepingen hoge overkapping aangelegd. Hier moet je ook je badslippers uitdoen om naar je plekje te lopen. Gelukkig is het nog niet zo druk, de meeste Japanners hebben pas in augustus vakantie. Er zijn heel veel glijbanen, warme badjes, een lazy river en een groot golfslagbad.  Het golfslagbad heeft  steeds een rusttijd, waarin er niemand in mag. Waarom begrijpen we niet. Er zijn om de mensen uit het bad te houden, nog meer badmeesters nodig, dan wanneer ze wel mogen zwemmen.

Waterpark

Om iets te eten te kopen moet je eerst bij een automaat een ticket kopen waarmee je naar het loket kunt om je bestelling af te halen. Dit systeem zien we ook op andere plaatsen. Ook staan er overal automaten om drinken te kopen. Je moet erg je best doen om een plek te vinden in Japan waar ze niet staan. Zelfs bovenop de Fuji kun je ze vinden.  

Bij het informatiecentrum vraag ik of we met de camper op de parkeerplaats mogen overnachten.  Dat kan helaas niet, je mag maar tot 24:00 uur parkeren. We zoeken het dichtstbijzijnde station op omdat we morgen met de trein naar Nagoya willen en zien langs het spoor overal grijze P’s staan op Maps.me. We vinden een rustige parkeerplaats wat verder van het station waar we de campervan neerzetten. Er staan nog wat andere auto’s. ’s Avonds lopen we naar het station om naar de wc te gaan en onze tanden te poetsen. Maar het is maar een klein station en de wc bevindt zich op het perron, waarvoor je een treinkaartje nodig hebt om er op te komen. Voor het eerst vinden we geen wc in Japan als je hem nodig hebt en moeten we een keer wildplassen.

Schrijf reactie (0 Reacties)

’s Ochtends schijnt de zon volop en is er geen wolk meer te bekennen. We rijden naar Nagano, waar we de Zenzoji tempel bekijken. We komen er een Japans bruidspaar tegen dat naar de tempel gaat. Vervolgens door naar de Daisho wasabi farm om de wasabiplantjes te bekijken. Deze groeien alleen in heel erg schoon water. We worden er geïnterviewed voor een Japans tv-programma en ze filmen ons als we wasabi-ijs proeven. In Matsumoto bekijken we het kasteel en dan gaan we naar de michi-no-eki in Okuhida midden in de Japanse alpen.

De volgende ochtend rijden we naar de parkeerplaats in Hirayu Onsen, vanwaar de bussen vertrekken naar Kamikochi, een dal midden tussen de bergen waar je met de auto niet naar toe mag.  Het is prachtig weer en we lopen lekker in korte broek en T-shirt. De meeste Japanners hebben zich overdreven goed voorbereid op een tocht door de bergen zo lijkt het en lopen met zonnehoed, een shirt met lange mouwen, of losse mouwen en handschoenen, en met afritsbroek of een trainingsbroek onder een korte broek en een grote rugzak. Het lijkt of ze echt gaan klimmen in de bergen, maar het pad loopt vlak langs de rivier en na ongeveer 3 kilometer is er al een brug waar je weer terug kunt. Wij besluiten om naar de volgende brug te lopen waar je ook verder de bergen in kunt en dan wordt het opeens erg rustig op het pad. Dus toch geen bergbeklimmers.

Japans bergwandelaars

Het pad loopt meestal door het bos, maar af en toe hebben we een mooi uitzicht op de bergen waar zelfs nog een klein beetje sneeuw op ligt. Op de terugweg komen we langs een heilig meertje waar de kami (goden) naar de aarde zijn afgedaald. Je moet betalen om het te kunnen zien en de jongens besluiten niet mee te gaan. Ik loop langs de oever en zie opeens een Japanse makaak in de bomen bij het water. Hij probeert te drinken en valt een paar keer half in het water. Verderop zien we samen nog een grotere groep.

Schrijf reactie (3 Reacties)

We rijden naar het Izu schiereiland, waar een aantal mooie snorkelplekken zijn. Bij vertrek van de parkeerplaats is het schrikken van het bedrag dat we moeten betalen. Ik dacht dat er een nachttarief van 1000 yen was, maar helaas.  Parkeren in de stad is erg duur, 500 yen (ongeveer E 3,75) per uur. En dan als we de route willen plannen blijkt Niels iets te hebben gedaan met de iPad waardoor hij opeens om een password vraagt. Uiteraard weet hij het wachtwoord niet. Dan maar onze eigen tablet gebruiken. Doordat we een wifi-to-go hebben gehuurd, kunnen we daarmee het zelfde als met de iPad. Ook heb ik de android app Maps.me gebruikt, waar je plaatsen die je eventueel wilt gaan bezoeken kunt markeren. Zo kan je thuis al veel voorbereiden. Ook hiermee kun je de route navigeren, alleen geeft het programma op dit moment nog niet aan waar je af moet slaan. Je moet zelf op de kaart kijken waar je langs moet. Een bijrijder die je zegt waar je naar toe moet is dan wel erg handig.

Ondertussen begint het steeds harder te regenen. Onderweg moet ik een keer keren en dan is het boem. We kijken en zien geen schade, maar bij de volgende stop vallen de onderste houders van de ladder er af. We kunnen door het probleem met de iPad geen contact krijgen met Japan Campers en rijden naar een benzinepomp waar ze ons helpen om de bovenste bevestiging af te schroeven. Nu hebben we ook nog een ladder extra onder de achterbank.

In Shimoda staan we om twee uur al op de Mishi no eki waar we van plan waren te overnachten. Martijn kijkt naar de weersvoorspelling en ziet dat er een typhoon onder Japan langs gaat richting China. Hoe verder naar het zuiden, hoe slechter het weer. We besluiten dan maar richting het noorden te gaan. We overnachten op een Michi no eki bij Izu stad. Ze hebben er een all-you-can-eat restaurant , maar de kwaliteit is helaas niet echt geweldig.

Fuji 675

Als we de volgende dag langs de Fuji rijden zien we hem net even door de wolken verschijnen. Te kort om er een foto van te maken. We bekijken de Sengen shrine aan de voet van de berg, die de beklimmers van de Fuji eerst moeten bezoeken om zich van een goede beklimming te verzekeren, en gaan daarna naar een ijsgrot, een kleine lavagrot waar ze vroeger ijsblokken in opsloegen om in de zomer te gebruiken.

Schrijf reactie (2 Reacties)